Een kachelpijp aansluiten op een kachel doe je door de pijp op de rookgasuitlaat van de kachel te plaatsen, stevig vast te zetten en via een rechte of gebogen route naar het rookkanaal te leiden. Klinkt eenvoudig, maar de details maken het verschil: de juiste maten, de juiste materialen en een goede afdichting zijn bepalend voor de veiligheid en de trekkracht van je kachel.
Wat heb je nodig voor het aansluiten van een kachelpijp?
Voordat je begint, zorg je dat je alle onderdelen bij de hand hebt. Wat je in ieder geval nodig hebt:
- Enkelwandige kachelpijp (meestal diameter 150 mm of 200 mm, afhankelijk van je kachel)
- Muurbeugels om de pijp te ondersteunen
- Een T-stuk of bochtstuk als de pijp niet rechtstreeks naar het rookkanaal loopt
- Een verloopstuk als de diameter van de kacheluitlaat afwijkt van de pijpdiameter
- Rookgasdichte kit of glaswolband voor de aansluitingen
- Een schroevendraaier en eventueel een boor
Controleer altijd eerst de diameter van de rookgasuitlaat op de kachel. Die staat vermeld in de handleiding van de kachel. De meest voorkomende maten zijn 150 mm en 200 mm. Gebruik je een pijp met de verkeerde diameter, dan sluit de verbinding niet goed af en kan er rookgas in de ruimte lekken.
Kachelpijp aansluiten op de kachel: de stappen
Stap 1: controleer de rookgasuitlaat. Kijk of de uitlaat van de kachel naar boven, naar achteren of opzij wijst. Dit bepaalt welke pijpen en bochten je nodig hebt om de route naar het rookkanaal te maken.
Stap 2: schuif de kachelpijp over de uitlaat. De pijp schuift altijd met de smalle kant naar beneden op de uitlaat. Zo stroomt condens niet langs de verbinding naar buiten, maar blijft het binnen de pijp. Let hier goed op: omgekeerd monteren is een veelgemaakte fout.
Stap 3: zet de pijp vast. Gebruik de meegeleverde klem of schroeven om de pijp op de uitlaat te borgen. Gebruik daarna rookgasdichte kit of wikkel glaswolband om de verbinding voor een goede afdichting.
Stap 4: verleng de pijp naar het rookkanaal. Voeg pijpsecties toe, met eventueel een bochtstuk van 45 of 90 graden als de route dat vereist. Ondersteun horizontale stukken met muurbeugels, maximaal elke 1,5 à 2 meter om doorbuiging te voorkomen.
Stap 5: sluit aan op het rookkanaal. Het uiteinde van de kachelpijp sluit je aan op de inmonding van het bestaande rookkanaal of de dubbelwandige rookgasleiding die naar buiten loopt. Gebruik ook hier rookgasdichte kit voor een deugdelijke verbinding.
Letten op de hellingshoek en de lengte
Een horizontaal stuk kachelpijp moet altijd licht hellend lopen, richting het rookkanaal omhoog, met een minimale stijging van 3 graden. Dat klinkt weinig, maar het bevordert de trek in de schoorsteen aanzienlijk. Een volledig horizontale pijp geeft vaak trekkproblemen en laat condens ophopen in de pijp.
Houd het horizontale stuk zo kort mogelijk. Vakinstallateurs adviseren om horizontale trajecten te beperken tot maximaal 1 meter. Hoe langer het horizontale deel, hoe meer de trek afneemt. Meerdere bochten achter elkaar hebben hetzelfde effect: elke 90-gradenbocht kost je meetbaar trekverlies.
Veelgemaakte fouten bij het aansluiten van een kachelpijp
De pijp achterstevoren monteren is de meest gemaakte fout: de brede kant moet altíjd naar boven wijzen, zodat condens en roet niet langs de verbindingen lopen. Doe je dit verkeerd, dan zie je binnen korte tijd bruine vlekken op de pijp of zelfs lekkage.
Een andere valkuil is het weglaten van de afdichting bij de verbindingen. Zelfs kleine openingen laten rookgas ontsnappen. Rookgas bevat koolmonoxide en is daarmee een serieus gevaar. Gebruik altijd rookgasdichte kit die bestand is tegen hoge temperaturen, minimaal 250 graden Celsius, en laat elke verbinding goed uitharden voor je de kachel aansteekt.
Vergeet ook niet de pijp te steunen. Een lange kachelpijp die alleen op de kacheluitlaat rust, trekt na verloop van tijd scheef. Dat belast de uitlaat van de kachel en kan de verbinding lostrekken.
Wanneer schakel je een vakman in?
Als je kachel aangesloten wordt op een bestaand metselwerk rookkanaal, is het verstandig om een erkend installateur de aansluiting te laten controleren of uitvoeren. In veel gemeenten is voor een nieuwe vaste aansluiting een vergunning nodig. Daarnaast zijn verzekeraars soms kritisch over zelfgemaakte rookgasinstallaties: zorg dat je de installatie kunt aantonen via een keuringsbewijs of een factuur van een erkend bedrijf.
Een correcte aansluiting van de kachelpijp op de kachel is niet ingewikkeld, maar vraagt om aandacht voor de details: de juiste montagevolgorde, een goede afdichting en een pijproute die de trek bevordert. Neem de tijd voor elke stap en controleer alle verbindingen goed voor je de kachel voor het eerst aansteekt.
















Eén reactie